Druk druk druk!
Ze ploft op de stoel naast me neer. ‘Hè hè, zuchtte ze, eindelijk even rust!’ Ze veert omhoog om door het raam van de kantine in de zwembadhal te kunnen kijken, waar ik net mijn baantjes gezwommen heb. ‘Heeft je kind zwemles?’ vraag ik. ‘Ja de jongste van 8, mijn zoontje’ vertelt ze. Ze kijkt bezorgd en vertelt dat hij vanochtend opeens een andere badmeester had. ‘En hij is al zo bang zegt ze, en nu ook nog een andere badmeester…’. Ik vertel dat ik vroeger ook panisch was omdat ik op mijn vierde bijna verdronken ben. Daar door heb ik pas laat mijn zwemdiploma gehaald. ‘Oh wat akelig voor je ouders, zegt mijn buurvrouw, dat ze je dus nooit uit het oog konden verliezen’. ‘Joh, dat ging vroeger allemaal heel anders, zeg ik, onze ouders letten niet op ons. We speelden hele dagen op straat en telefoontjes hadden we niet. Ze hadden geen idee waar we uithingen. Achteraf zijn er wel dingen gebeurd waarvan ik nu denk: dát had ook heel anders af kunnen lopen!’ Met enig ongeloof kijkt ze me aan. ‘Nou ik zal blij zijn als hij kan zwemmen, zegt ze, dan hoef ik me dáár tenminste geen zorgen meer om te maken’. Ze zucht opnieuw.
Even later kijkt ze op haar horloge ’ik hoop niet dat ze uitlopen, zegt mijn buurvrouw, want we moeten gelijk door, mijn dochter heeft een verjaardagsfeestje. Het kan allemaal nét. Is het herfstvakantie, heb ik het nog drukker dan anders, verzucht ze. Want ja ’s avonds blijven ze natuurlijk ook langer op hè, nu ze vrij zijn. Heb ik dus nog minder tijd voor mezelf! Eerder dan half tien ’s avonds heb ik geen rust. Mijn man is aan het klussen, dus daar hoef ik ook niet op te rekenen. Ik zal blij zijn als ik straks weer aan het werk ben, lacht ze, dan kan ik tenminste weer uitrusten ha, ha!’ Ze doet het voorkomen alsof het een grapje is.

‘Heb jij kinderen?’ vraagt ze. Ik geef aan dat ik twee kinderen heb maar dat die al lang het huis uit zijn. ‘Had jij het er ook altijd zo druk mee? Wil mijn buurvrouw weten. ‘Best wel, zeg ik, vanaf dat ze twee en vier waren heb ik ze, na mijn scheiding, alleen opgevoed. En eens in de twee weken waren ze een weekend bij hun vader. Dus dat was best pittig’. Ze kijkt me geschrokken aan. ‘Oh jee wat erg lijkt me dat! Dan heb je helemaal geen tijd meer voor je zelf lijkt me’. ‘Dat viel toch wel mee zeg ik. Om de week had ik sowieso een weekend voor mezelf. Bovendien had ik mijn kinderen ’s avonds altijd vroeg op bed en totdat ze naar de basisschool gingen sliepen ze s middags ook nog. Elke middag. Als ze nog geen slaap hadden speelden ze op hun kamertjes. ‘Dat zouden die van mij nooit willen!’ reageert mijn buurvrouw. ‘Bij mij was er geen sprake van willen, zeg ik, ze gingen gewoon en wisten niet beter. Er was nooit discussie over’. Het hielp mij om niet helemaal uitgeput te raken. ‘Ik zou me schuldig voelen als ik dat deed, zegt de jonge moeder naast mij; dat zij vroeg naar bed moeten omdat ik voor mezelf kies…’. ‘Nou ja, zeg ik, ik dacht altijd maar: als ik uitgerust en vrolijk ben, kan ik de beste moeder voor ze zijn’. Mijn buurvrouw denkt even na en zegt ‘zo heb ik daar nog nooit over nagedacht. Ik ben vaak gestresst en moe en dan snauw ik tegen ze, terwijl zij daar ook niks aan kunnen doen eigenlijk. Ik ga er eens over na denken. Bedankt voor het leuke gesprek’ zegt ze en springt op. Grist in één beweging haar spullen bij elkaar en verlaat met grote passen het restaurant.

Ken je dat? Het schuldgevoel. Waardoor je niet eens een keer voor je zelf durft te kiezen? Durf jij gezond egoïstisch te zijn? Of moet jij ook altijd van alles omdat je iedereen voor laat gaan op je zelf?
Het kan anders. Bel me maar, dan help ik je er bij.

Tietia